Instituut voor Bouwrecht

Het Instituut voor Bouwrecht is het onafhankelijke kenniscentrum op het gebied van publiek- en privaatrechtelijk bouwrecht. De missie van het IBR is het op onafhankelijke wijze bevorderen van de wetenschappelijke en praktische beoefening van het bouwrecht.

Lees meer

Uitgelichte publicaties

Actualiteiten Bouwrecht

  • Op 5 maart 2019 heeft het Europese Hof van Justitie een arrest gewezen over de terugvordering van onrechtmatige staatssteun. Dit arrest heeft grote invloed op de verplichting van lidstaten om onrechtmatig verleende staatssteun terug te vorderen. De uitspraak wordt hierna door prof. dr. ir. Arjan Bregman besproken.

    Lees meer
  • De grote kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State hakt op 24 april een belangrijke bestuursrechtelijke knoop door. Een gedoogbeslissing is geen besluit. Dat geldt ook voor de weigering of de intrekking ervan. Dit betekent dat een gedoogbeslissing niet meer kan worden aangevochten bij de bestuursrechter.

    Lees meer
  • Vergunningvrij bouwen is vanuit het perspectief van de bouwer een goede zaak; het scheelt immers tijd en geld. Vanuit het perspectief van een goede ruimtelijke ordening, alsmede vanuit het belang van de borging van bijvoorbeeld landschappelijke waarden of stedenbouwkundige structuur levert vergunningvrij bouwen echter soms hoofdbrekens op voor het bevoegd gezag. Het uitsluiten van de reikwijdte van vergunningvrij bouwen in de planregeling biedt mogelijkheden. In dit redactioneel gaat mr. Jacco Karens daarop in.

    Lees meer
  • Een ambtenaar van het ministerie van BZK heeft desgevraagd laten weten dat de ingangsdatum van 1 januari 2020 voor BENG-regelgeving (Energieprestatie bij bijna energieneutrale gebouwen (BENG)) niet meer haalbaar is. Een nieuwe ingangsdatum is nog niet bekend.

    Lees meer
  • De VvE stelde dat aanneemster tekort geschoten is in de nakoming van haar verplichtingen, en dat sprake is van een ernstig gebrek in de zin van art. 16 lid 5 van de algemene voorwaarden*, waarvoor aanneemster nog tot 20,5 jaar na de oplevering aansprakelijk is. Arbiter in eerste aanleg oordeelde dat de geconstateerde gebreken werden veroorzaakt door de afwezigheid van deugdelijke dilataties in het gevelmetselwerk. Hij oordeelde het op grond van de zeer geringe opgetreden schade tot dat moment niet aannemelijk dat de hechtheid van de constructie of een wezenlijk onderdeel daarvan daardoor is of zal worden aangetast. Naar het oordeel van arbiter in eerste aanleg was er dan ook geen sprake van een ernstig gebrek. Voor 'gewone' gebreken is aanneemster inmiddels niet meer aansprakelijk, aldus arbiter. De VvE werd daarom niet-ontvankelijk verklaard in haar vorderingen. De VvE is van dat vonnis in appel gekomen, zij meent dat wel sprake is van een ernstig gebrek.

    Lees meer