In deze monografie is de bovenstaande vraag uitgesplitst in afzonderlijke onderzoeksvragen aan de hand waarvan deelonderwerpen ‘toezicht’ en ‘coördinatie’ in twee afzonderlijke delen van het boek worden onderzocht. Daarbij worden de onderwerpen eerst helder gedefinieerd. Het houden van toezicht op en het coördineren van het bouwproces zijn beide immers activiteiten die (kunnen) bestaan uit verschillende deelactiviteiten. Aan de hand van deze beschrijvingen worden toezicht en coördinatie vervolgens van verschillende kanten belicht. In de eerste plaats vanuit het perspectief van de toezicht- en (bouw)managementwetenschap en in de tweede plaats vanuit een juridisch-dogmatisch perspectief. Deze beschouwingen resulteren in criteria van goed toezicht en van goede coördinatie, die gebruikt kunnen worden om juridische vragen omtrent toezicht en coördinatie te beantwoorden. Een aantal contractuele regelingen wordt aan de hand van deze voorwaarden tegen het licht gehouden. In een afsluitende conclusie worden de twee deelonderwerpen weer bij elkaar gebracht. Het onderzoek blijft niet geheel binnen de grenzen van het contractenrecht, omdat de aansprakelijkheid voor publiekrechtelijk bouwtoezicht (deels) wordt beheerst door het onrechtmatigedaadsrecht.
De monografie bevat interessante inzichten voor wie zich binnen het bouw(contracten)recht bezighoudt met de thema’s toezicht en coördinatie. De aanbevelingen zijn zowel op een algemeen niveau geformuleerd, als toegespitst op het meer concrete niveau van bepaalde specifieke algemene voorwaarden. Tal van juridische vragen waar beoefenaren van het bouwrecht mee geconfronteerd kunnen worden, komen in deze publicatie aan de orde.
